CRvB 22 januari 2025, ECLI:NL:CRVB:2025:130

Het Uwv heeft appellante aanvankelijk een loonsanctie opgelegd die later weer is ingetrokken. Appellante heeft vervolgens verzocht om schadevergoeding. Naar aanleiding van dit verzoek heeft het Uwv aan appellante een schadevergoeding ter hoogte van € 62.769,18 toegekend. De Raad oordeelt dat de werkzaamheden van de directeur en de financieel adviseur in het kader van de loonsanctie in het algemeen tot de normale bedrijfsvoering behoren. Niet is gebleken dat hun werkzaamheden van een zodanige omvang zijn geweest dat een deel daarvan niet meer geacht kan worden onder de normale bedrijfsvoering te vallen. Het Uwv heeft die werkzaamheden dan ook terecht buiten de schadevergoeding gehouden.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken