CRvB 18 april 2024, ECLI:NL:CRVB:2024:748
Weigering toekennen kinderbijslag. Appellant voldoet (net) niet aan de onderhoudseis voor zijn in Marokko wonende kinderen. Appellant meent dat de onderhoudseis in zijn geval op grond van een exceptieve toets buiten toepassing moet worden gelaten wegens strijd met het evenredigheidsbeginsel. Onderhoudseis terecht niet buiten toepassing gelaten en niet in strijd met het evenredigheidsbeginsel. De Raad stelt vast dat de wetgever bewust heeft gekozen voor de systematiek van een vaste onderhoudseis, waarbij geen rekening wordt gehouden met het inkomen van de verzekerde en de feitelijke kosten van levensonderhoud van de kinderen. Een klacht over de voorbereiding en motivering van een regeling zoals deze, op de grond dat de belangen van een bepaalde groep ten onrechte niet specifiek zijn onderzocht en expliciet zijn meegewogen, vraagt in wezen een politiek-bestuurlijk getint oordeel van de rechter, te weten een oordeel over de vraag of de wetgever specifiek aandacht had moeten besteden aan (de specifieke eigenschappen van) die groep. Ten aanzien van dit soort argumentatie past een (zeer) terughoudende benadering van de rechter. De weigering van kinderbijslag aan appellant kan die toetsing doorstaan.
De uitspraak op rechtspraak.nl