CRvB 13 november 2024, ECLI:NL:CRVB:2024:2121
Afwijzing verzoek om vergoeding van immateriële schade terecht. Geen sprake van een onrechtmatig besluit. Geen oorzakelijk verband aanwezig tussen het onrechtmatige besluit en de gestelde schade. Appellante heeft niet aannemelijk gemaakt dat sprake is van zodanig ernstig psychisch leed dat sprake is van geestelijk letsel en dus van aantasting van de persoon op andere wijze in de zin van artikel 6:106, eerste lid, van het BW. Een medisch objectiveerbare onderbouwing voor haar standpunt, van bijvoorbeeld haar behandelaars, ontbreekt. Niet aannemelijk gemaakt dat de aard en de ernst van de normschending en de gevolgen daarvan hebben geleid tot aantasting in de persoon op andere wijze.
De uitspraak op rechtspraak.nl