CRvB 21 december 2023, ECLI:NL:CRVB:2023:2530

De Raad heeft het onderzoek na de zitting heropend en een verzekeringsarts benoemd als deskundige. Het Uwv heeft op 22 maart 2022 een gewijzigde beslissing op bezwaar (bestreden besluit 4) genomen, de bezwaren tegen de primaire besluiten alsnog gegrond verklaard en betrokkene met ingang van 21 oktober 2011 een IVA-uitkering toegekend. Het verzoek om vergoeding van immateriële schade wegens geestelijk letsel wordt afgewezen. Vanwege de aantasting in de persoon van betrokkene acht de Raad een vergoeding van € 2.500,00 billijk. De redelijke termijn in de zaak 15/5183 is met 6 jaar en 6 maanden (78 maanden) overschreden. Ter zitting hebben partijen overeenstemming bereikt over een nog door het Uwv aan betrokkene te vergoeden bedrag voor de proceskosten. Griffierecht.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken