CRvB 3 oktober 2023, ECLI:NL:CRVB:2023:1939
Intrekking en terugvordering van bijstand. Geldbedragen en hennepdrogerij. Indruisregel. De verklaringen die appellante bij de politie heeft afgelegd, mochten door het college aan de besluitvorming ten grondslag worden gelegd. Ook als de informatie uit het strafdossier over appellante in strijd met bepalingen van de Wpg aan het college is verstrekt, zou gebruik daarvan door het college slechts onrechtmatig zijn indien dit zozeer indruist tegen wat van een behoorlijk handelende overheid mag worden verwacht, dat dit onder alle omstandigheden ontoelaatbaar moet worden geacht. Dat is hier niet het geval. Appellante heeft de inlichtingenverplichting geschonden door niet te melden dat zij en X forse geldbedragen hebben ontvangen en dat er een hennepdrogerij en een groot bedrag aan contanten in hun woning aanwezig was. De herkomst en de omvang van het merendeel van de bedragen die appellante en X hebben ontvangen en/of in hun bezit hadden is onduidelijk gebleven, waardoor het recht op bijstand niet kan worden vastgesteld.
De uitspraak op rechtspraak.nl