CRvB 23 maart 2022, ECLI:NL:CRVB:2022:693

De rechtbank heeft met juistheid geoordeeld dat de medewerking van de moeder van appellanten aan een nader onderzoek redelijkerwijs noodzakelijk was ter uitvoering van de wet en dat niet is voldaan aan artikel 8.1.2, derde lid, van de Jw. De Raad voegt, onder verwijzing naar de wetsgeschiedenis, hieraan toe dat hier sprake is van een algemene medewerkingsverplichting die niet alleen ziet op situaties waarin sprake is van een pgb.

De uitspraak op rechtspraak.nl