CRvB 30 juni 2022, ECLI:NL:CRVB:2022:1518
Appellant is verwijtbaar werkloos geworden als bedoeld in artikel 24, eerste lid, aanhef en onder a, in verbinding met het tweede lid, aanhef en onder b, van de WW. Er is geen sprake van een situatie waarin dit appellant niet in overwegende mate kan worden verweten. Op grond van artikel 27, eerste en elfde lid, van de WW was het Uwv daarom gehouden de uitkering niet tot uitbetaling te laten komen.
De uitspraak op rechtspraak.nl