CRvB 7 april 2021, ECLI:NL:CRVB:2021:765
Verzoek om terug te komen van eerder genomen intrekkingsbesluit terecht afgewezen. Gelet op wat in 4.2.1 en 4.2.2 is overwogen staat vast dat alle thans voorhanden gegevens over de gezondheidssituatie van betrokkene op 16 juli 2006 geen aanleiding geven voor het oordeel dat het Uwv terug moest komen op het besluit om per die datum de WAO-uitkering te beëindigen of dat in de Amber-periode daarna tot 16 juli 2011 de uitkering wegens toegenomen beperkingen moet worden heropend. Gelet op alle gegevens is er evenmin aanleiding te oordelen dat het bestreden besluit evident onredelijk is. Dit oordeel impliceert dat betrokkene voor haar verzoek om een WAO-uitkering voor de toekomst te ontvangen geen baat heeft bij de rechtspraak over de zogenoemde duuraanspraak, zie bijvoorbeeld de uitspraak van 14 januari 2015, ECLI:NL:CRVB:2015:2. Immers, daartoe is vereist dat het oorspronkelijke besluit onjuist was, hetgeen in deze zaak niet het geval is. De rechtbank heeft dit niet onderkend, zodat de aangevallen uitspraak in zoverre onjuist is. Het hoger beroep van het Uwv slaagt.
De uitspraak op rechtspraak.nl