CRvB 24 november 2021, ECLI:NL:CRVB:2021:2927
Herziening en de terugvordering toeslag. Alles afwegende komt de Raad tot het oordeel dat de onjuiste toekenning in meer dan verwaarloosbare mate aan de Svb kan worden verweten, maar dat het verwijt aan de Svb kleiner is dan het verwijt over langere tijd aan appellant. Herziening met volledig terugwerkende kracht is in dit geval kennelijk onredelijk in de zin van de vaste gedragslijn. De Raad constateert dat de Svb deze vaste gedragslijn niet consistent heeft toegepast. Aan het bestreden besluit kleeft daarom een gebrek. De Raad acht zich, gelet op de discretionaire ruimte die voor de Svb binnen de gedragslijn bestaat, niet in staat zelf in de zaak te voorzien. De Svb zal daarom opnieuw op het bezwaar moeten beslissen en daarbij de herziening moeten beperken. Als gevolg daarvan moet ook de terugvordering worden verminderd. Ten overvloede merkt de Raad op dat een beperking van de herziening die ertoe leidt dat 75% van het onverschuldigd betaalde bedrag moet worden terugbetaald, de toets van de Raad zou kunnen doorstaan.
De uitspraak op rechtspraak.nl