CRvB 27 januari 2021, ECLI:NL:CRVB:2021:236
De rechtbank heeft zich ten onrechte onbevoegd verklaard. Anders dan de rechtbank heeft overwogen, kan appellante de adequaatheid van opvang ter beoordeling aan de bestuursrechter voorleggen. Dit betekent dat de aangevallen uitspraak, voor zover aangevochten, moet worden vernietigd. Doende wat de rechtbank zou behoren te doen overweegt de Raad als volgt. Gelet op wat de vertegenwoordiger van het college tijdens de zitting bij de Raad heeft verklaard, heeft appellante geen belang meer bij een inhoudelijk oordeel over de adequaatheid van de opvang bij [naam woonvoorziening]. Dit betekent dat zij geen procesbelang meer heeft. De Raad zal daarom het beroep niet-ontvankelijk verklaren. Aanleiding bestaat om het college te veroordelen in de proceskosten van appellante.