CRvB 21 september 2021, ECLI:NL:CRVB:2021:2348

Geen bijzondere omstandigheden voor bijstand met terugwerkende kracht. Gerechtvaardigde oplegging van verplichtingen aan de bijstand. Het telefonisch contact tussen appellant en de consulent van het zelfstandigenloket is niet te beschouwen als een melding voor het aanvragen van bijstand. Niet gebleken dat appellant bij die gelegenheid heeft duidelijk gemaakt dat hij bijstand op grond van de PW wilde aanvragen. De consulent van het zelfstandigenloket heeft niet onzorgvuldig gehandeld door tijdens het telefonisch contact met appellant te bespreken dat hij eerst verandering moest brengen in zijn woon- en leefsituatie voordat hij een aanvraag om bijstand op grond van de PW zou doen. Het college heeft bij de toekenning van bijstand verplichting opgelegd dat appellant bewijsstukken aanlevert van de stopzetting van alle zakelijke overeenkomsten en dat hij aantoont dat de bedrijven formeel zijn beëindigd. De grond dat deze verplichtingen niet doelmatig zijn en niet te rechtvaardigen slaagt niet. Appellant heeft ook niet aannemelijk gemaakt dat hem een te korte tijd is gegund om aan de verplichtingen te voldoen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde uitspraken