CRvB 26 augustus 2021, ECLI:NL:CRVB:2021:2193

De rechtbank heeft terecht overwogen dat het Uwv niet in strijd met de werkinstructie ‘Laattijdige aanvragen Wajong’ heeft gehandeld. De rechtbank heeft het Uwv ook terecht gevolgd in het standpunt gesteld dat er onvoldoende objectieve gegevens zijn om de arbeidsongeschiktheid op zeventien- of achttienjarige leeftijd bij appellante vast te kunnen stellen. Medische rapportages van hulpverleners of psychologische onderzoeken uit de periode rond de Wajong-gerechtigde leeftijd van appellante ontbreken. De omstandigheid dat gegevens over de voor de Wajong relevante periode door het tijdsverloop niet meer voorhanden zijn, komt naar vaste rechtspraak voor risico van degene die de laattijdige aanvraag indient (bijvoorbeeld de uitspraken van 24 december 2010, ECLI:NL:CRVB:2010:BO9240 en 27 mei 2011, ECLI:NL:CRVB:2011:BQ6477). Uit de overwegingen volgt dat het hoger beroep niet slaagt. De aangevallen uitspraak wordt bevestigd.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde uitspraken