CRvB 27 januari 2021, ECLI:NL:CRVB:2021:204
Wat appellante in hoger beroep heeft aangevoerd is grotendeels een herhaling van de in beroep aangevoerde gronden. De rechtbank heeft wat in beroep is aangevoerd, en wat in hoger beroep is herhaald, in de aangevallen uitspraak besproken en gemotiveerd waarom die gronden niet leiden tot vernietiging van het bestreden besluit. De Raad onderschrijft het oordeel van de rechtbank en de overwegingen die daaraan ten grondslag zijn gelegd. Met het in hoger beroep overgelegde e-mailbericht van 20 maart 2020 van incasso- en gerechtsdeurwaardersorganisatie [X] heeft appellante niet aangetoond dat de alimentatie tenminste een jaar volledig oninbaar is gebleken. Voor zover het door de vader van appellante ingediende verzoek om wijziging van zijn alimentatieverplichting voor appellante leidt tot een rechterlijke beschikking waarbij in de hier van belang zijnde periode een lager bedrag aan alimentatie wordt vastgesteld, dan kan appellante zich tot de minister wenden en hem verzoeken om de hoogte van de aanvullende beurs te herzien. Het hoger beroep slaagt niet en de aangevallen uitspraak moet worden bevestigd.
De uitspraak op rechtspraak.nl