CRvB 21 januari 2021, ECLI:NL:CRVB:2021:180

Volgens vaste rechtspraak (uitspraak van 15 maart 2007, ECLI:NL:CRVB:2007:BA1958) komt aan een bestuursorgaan in beginsel de bevoegdheid toe een gemaakte fout te herstellen, mits het daartoe strekkende besluit niet in strijd is met het rechtszekerheidsbeginsel en ook overigens geen sprake is van strijd met enige geschreven of ongeschreven rechtsregel. Daartoe zal buiten twijfel moeten staan dat het oorspronkelijke (impliciete) besluit, in dit geval het besluit tot handhaving van schaal 7 voor betrokkene per 1 maart 2013, onjuist was. Dat laatste is hier niet het geval. Met de rechtbank stelt de Raad vast dat de minister bij besluit van 1 september 2010 geen voorwaarden of tijdsduur heeft verbonden aan de toegekende hogere schaal. De minister heeft de toekenning van een hogere schaal ook niet bij de overplaatsing per 1 maart 2013 ingetrokken. Onder deze omstandigheden is de minister niet bevoegd om terug te komen op die afspraken, dat zou namelijk in strijd zijn het rechtszekerheidsbeginsel. Het hoger beroep slaagt niet, zodat de aangevallen uitspraak moet worden bevestigd. Gezien hetgeen is overwogen, behoeft het incidenteel hoger beroep geen bespreking meer. Aanleiding bestaat de minister te veroordelen in de proceskosten van betrokkene in hoger beroep.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken