CRvB 25 mei 2021, ECLI:NL:CRVB:2021:1209

Intrekking en terugvordering van bijstand. Op geld waardeerbare activiteiten. Recht niet vast te stellen. Voldoende feitelijke grondslag dat appellant schotelantennes installeerde, monteerde en/of repareerde. Dat niet is komen vast te staan dat appellant de activiteiten vanuit een bedrijf of onderneming heeft verricht, doet er niet aan af dat hij werkzaamheden heeft verricht in de in geding zijnde periode en dat die werkzaamheden naar hun aard op geld waardeerbaar zijn. Door hiervan geen melding te maken heeft appellant de inlichtingenverplichting geschonden, als gevolg waarvan het recht op bijstand niet is vast te stellen. Voor zover appellanten hebben betoogd dat de besluitvorming onzorgvuldig is geweest omdat het college het onderzoek niet voortvarend ter hand heeft genomen en dat daardoor de terugvordering onnodig is opgelopen, houdt die stelling alleen al geen stand omdat appellanten in strijd met de op hen rustende inlichtingenverplichting geen melding hebben gemaakt van de door appellant verrichte op geld waardeerbare werkzaamheden.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde uitspraken