CRvB 4 mei 2021, ECLI:NL:CRVB:2021:1147

Afwijzing verzoek om kwijtschelding restschuld medeterugvordering. Ten onrechte toepassing gegeven aan artikel 58, zevende lid, van de PW. Appellante ontving in de terugvorderingsperiode geen bijstand. De inlichtingenverplichting was daarom in die periode niet op haar van toepassing. Het college is er dan ook ten onrechte vanuit gegaan dat de vordering in geschil berust op een schending van de inlichtingenverplichting door appellante. Het college heeft op het verzoek van appellante om kwijtschelding van de vordering in geschil ten onrechte toepassing gegeven aan artikel 58, zevende lid, van de PW, aangezien deze bepaling tot uitgangspunt neemt dat de terugvordering is gebaseerd op een schending van de inlichtingenverplichting. Bij een medeterugvordering op grond van artikel 59 van de PW is geen sprake van schending van de inlichtingenverplichting of verwijtbare gedragingen en is de terugvordering een bevoegdheid. Het college heeft het verzoek om kwijtschelding beoordeeld met toepassing van de Beleidsregels 2015 en ter zitting erkend dat aan de medeterugvordering in het beleid geen aandacht is besteed. Het college wordt in de gelegenheid gesteld het gebrek te herstellen door, nu beleid over medeterugvordering ontbreekt, alsnog een individuele belangenafweging te maken toegespitst op de situatie van appellante.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken