CRvB 6 mei 2021, ECLI:NL:CRVB:2021:1076
Het bestuur is in beginsel bevoegd om op elk moment - als de situatie daartoe aanleiding geeft - nadere voorwaarden te verbinden aan zijn toestemming tot het verlenen van nevenwerkzaamheden. Die bevoegdheid omvat ook het tussentijds wijzigen van voorwaarden. Verder constateert de Raad dat in dit geval is voorzien in een afbouwregeling. Met de rechtbank is de Raad van oordeel dat er voldoende aanleiding is voor het bestuur om in redelijkheid van zijn bevoegdheid gebruik te kunnen maken om de voorwaarden, verbonden aan de in 2017 verleende toestemming, te wijzigen. Geen beroep op het gelijkheidsbeginsel.
De uitspraak op rechtspraak.nl