CRvB 3 mei 2021, ECLI:NL:CRVB:2021:1038
Appellante heeft voldoende mogelijkheid gehad om tegenbewijs in te brengen en heeft van die mogelijkheid ook gebruik gemaakt. Het oordeel van de rechtbank dat geen aanleiding is te twijfelen aan de conclusies van de verzekeringsartsen en arbeidsdeskundigen, wordt gevolgd. De door de artsen van het Uwv verrichte beoordeling van de mogelijkheden tot arbeidsparticipatie van appellante, waarbij de ervaren belemmeringen zijn getoetst op plausibiliteit en consistentie, is zorgvuldig en afdoende gemotiveerd. De arbeidsdeskundige heeft in de bevindingen van de verzekeringsarts geen aanleiding gezien voor twijfel aan de aanwezigheid van basale werknemersvaardigheden bij appellante. Uit de medische beoordeling is niet gebleken van een noodzaak tot ondersteuning en begeleiding bij het verrichten van de voorbeeldtaak. Wat appellante in hoger beroep onder verwijzing naar de medische informatie van cardiologen Visser en Van Campen heeft aangevoerd, geeft geen aanleiding voor een andersluidend oordeel. Het hoger beroep slaagt niet en de aangevallen uitspraak moet worden bevestigd.
De uitspraak op rechtspraak.nl