CRvB 26 februari 2020, ECLI:NL:CRVB:2020:450
De gronden van appellant die gericht zijn tegen de aanmelding, de verschuldigdheid en de hoogte van de bestuursrechtelijke premie, kunnen niet door de Raad worden beoordeeld, gelet op artikel 8:5, eerste lid, van de Awb en artikel 1 van de Bevoegdheidsregeling bestuursrechtspraak. Deze keuze van de wetgever maakt niet dat appellant in het geheel geen toegang tot de rechter heeft; voor hem staat de weg vrij een vordering bij de burgerlijke rechter in te stellen. De omleiding van de zorgtoeslag met toepassing van artikel 18f, zesde lid, van de Zvw is geen beslag zodat de regels van de beslagvrije voet als neergelegd in artikel 475d van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering geen beperking inhouden om van deze bevoegdheid gebruik te maken.
De uitspraak op rechtspraak.nl