CRvB 13 februari 2020, ECLI:NL:CRVB:2020:295

Stopzetting betalingen op grond van de Wuv wegens detentie. Gezien de dwingendrechtelijke bepaling van artikel 37, eerste lid, van de Wuv kan appellant gedurende de periode van detentie niet in het genot worden gesteld van een uitkering op grond van de Wuv. Appellant heeft geen minderjarige kinderen en is niet getrouwd of heeft evenmin een relatie die daarmee kan worden gelijkgesteld. Om die reden is er geen aanleiding om artikel 37, tweede lid, van de Wuv toe te passen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen