CRvB 12 november 2020, ECLI:NL:CRVB:2020:2868

Appellant stelt dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat de minister zijn aanvraag om toekenning van arrangement B in redelijkheid heeft mogen afwijzen. Dit betoog slaagt. Alvorens op de aanvraag te beslissen, had de minister zich moeten vergewissen van het door appellant beoogde doel van zijn aanvraag en hem om een toelichting moeten verzoeken over zijn - tegenstrijdige - antwoorden op het aanvraagformulier. Uit vorenstaande volgt dat het bestreden besluit in strijd met artikel 3:2 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is genomen en derhalve niet in stand kan blijven. Het hoger beroep slaagt en de aangevallen uitspraak moet worden vernietigd. Opdracht nieuw te nemen besluit.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen