CRvB 17 december 2019, ECLI:NL:CRVB:2019:4295

Pgb voor het jaar 2014. Met de rechtbank is de Raad van oordeel dat de verantwoording van de besteding van het pgb niet deugdelijk is wat de door [B] verleende zorg betreft. Dit betekent dat het hoger beroep niet slaagt en de aangevallen uitspraak, met verbetering van gronden, voor bevestiging in aanmerking komt. Beoordeling bestreden besluit 2. Het zorgkantoor heeft zich met juistheid op het standpunt gesteld dat ook de door appellant bij [A] ingekochte zorg niet kan worden gekwalificeerd als AWBZ-zorg. Het zorgkantoor was bevoegd om met toepassing van artikel 4:46, tweede lid, van de Awb het pgb lager vast te stellen. Niet kan worden geoordeeld dat het zorgkantoor niet in redelijkheid tot de door hem gemaakte belangenafweging heeft kunnen komen. Beroep tegen bestreden besluit 2 zal ongegrond worden verklaard.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken