CRvB 29 augustus 2019, ECLI:NL:CRVB:2019:2855
De Svb heeft op goede gronden terugwerkende kracht aan de ontheffing van de verzekeringsplicht onthouden. De rechtbank heeft terecht geoordeeld dat in dit geval niet kan worden gezegd dat de toepassing van artikel 22, tweede lid, van KB 746 tot onbillijkheden van overwegende aard leidt. De late indiening van de aanvraag om ontheffing van de verzekeringsplicht kan appellant worden verweten. De verlening van de ontheffing van de verzekeringsplicht met ingang van de datum waarop het verzoek is ingediend, leidt dan ook niet tot onbillijkheden van overwegende aard.
De uitspraak op rechtspraak.nl