CRvB 19 december 2018, ECLI:NL:CRVB:2018:4148

Weigering ZW-uitkering toe te kennen, op de grond dat werkneemster een benadelingshandeling heeft gepleegd. Ontslag op eigen verzoek. De rechtbank en betrokkene worden niet gevolgd in de overweging dat de in artikel 45, eerste lid, aanhef en onder j, van de ZW, genoemde fondsen zouden kunnen worden benadeeld in een situatie dat, bijvoorbeeld vanwege een faillissement, een eigenrisicodrager niet in staat is het ziekengeld te betalen. Dat het Uwv in de voorbije jaren zonder wettelijke grondslag maatregelen zou hebben opgelegd dan wel dat werknemers die in dienst waren van een eigenrisicodrager ongelijk zouden worden behandeld in vergelijking met andere werknemers, brengt niet mee dat het bestreden besluit onjuist is. Ook indien het Uwv op onjuiste gronden aan verzekerden maatregelen zou hebben opgelegd, heft dat het ontbreken van een wettelijke grondslag voor een maatregel in het onderhavige geval niet op. Het is bovendien vaste rechtspraak dat het gelijkheidsbeginsel niet zo ver strekt dat een bestuursorgaan gehouden is in het verleden gemaakte fouten te herhalen (zie bijvoorbeeld de uitspraak van de Raad van 10 mei 2017, ECLI:NL:CRVB:2017:1717). Artikel 45, eerste lid, aanhef en onder j, van de ZW ten tijde hier van belang biedt geen grondslag om het ziekengeld van werknemer geheel of gedeeltelijk, tijdelijk of blijvend te weigeren. Het hoger beroep slaagt. Dit betekent dat de aangevallen uitspraak zal worden vernietigd. Het beroep zal alsnog ongegrond worden verklaard.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken