CRvB 12 december 2018, ECLI:NL:CRVB:2018:3943

Loonsanctie. Het Uwv heeft het primaire besluit conform het bepaalde in art. 25, lid 11, WIA, tijdig aan betrokkene verzonden. In afwijking van wat in de uitspraak van 11 juli 2012, ECLI:NL:CRVB:2012:BX1193, is overwogen, overweegt de Raad thans als volgt. Uit art. 25, lid 11, WIA vloeit voort dat een loon- of ziekengeldsanctie vóór het verstrijken van de wachttijd moet worden opgelegd. Het Uwv heeft in dit verband terecht betekenis gehecht aan artikel 3:41 van de Awb, waarin is bepaald dat de bekendmaking van besluiten die tot een of meer belanghebbenden zijn gericht, geschiedt door toezending of uitreiking aan hen. In dit geval is de methode van toezending aan de orde. Gelet op artikel 25, elfde lid, van de Wet WIA moest die toezending vóór het einde van de wachttijd zijn beslag krijgen. Met verzending op de laatste dag van de wachttijd is aan die voorwaarde voldaan. Noch in de toepasselijke wetteksten, noch in de wetsgeschiedenis ter zake, is steun te vinden voor het standpunt dat het Uwv gehouden zou zijn geweest om het primaire besluit uiterlijk al op de voorlaatste dag van de wachttijd te verzenden.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken