CRvB 20 september 2018, ECLI:NL:CRVB:2018:2979
Indien zou worden besloten appellante - bij wege van maatwerk, zoals zij heeft bepleit - eerder te bevorderen, zou dit betekenen dat andere militairen nog langer op hun bevordering zouden moeten wachten. Dit laatste gegeven, in combinatie met het gegeven dat - zoals de rechtbank heeft overwogen - voor appellante, in tegenstelling tot vele andere militairen, een duidelijk loopbaanpatroon geldt, dat bij goed functioneren eindigt in de rang van kapitein, brengt ook de Raad tot de conclusie dat de staatssecretaris bij afweging van de betrokken belangen in redelijkheid heeft kunnen weigeren om aan appellante de door haar geambieerde functie toe te wijzen.
De uitspraak op rechtspraak.nl