CRvB 2 augustus 2018, ECLI:NL:CRVB:2018:2642
WIA-loonaanvullingsuitkering bij besluit van 18 juni 2015 vanaf 1 juli 2015 geschorst omdat verzekeringsarts een psychiatrische expertise noodzakelijk heeft geacht en appellante te kennen heeft gegeven daaraan niet mee te willen werken. Er is wel procesbelang voor appellante ook al is de schorsing opgeheven. Niet is vast komen staan dat de opheffing berust op een erkenning van de onrechtmatigheid van het besluit van 18 juni 2015. Met de rechtbank is de Raad van oordeel dat ten tijde van de beoordeling in juni 2015 door de verzekeringsarts geconcludeerd kon worden dat nader onderzoek was aangewezen. Ook wordt onderschreven het oordeel van de rechtbank dat er geen aanleiding bestond om aan te nemen dat appellante niet in staat was zich te laten onderzoeken door een onafhankelijke psychiater. De WIA-uitkering is terecht geschorst.
De uitspraak op rechtspraak.nl