CRvB 9 augustus 2018, ECLI:NL:CRVB:2018:2488
Afwijzing verzoek voor een nieuwe vaststelling van de uitkering. De Raad komt tot de conclusie dat het vermogen achteruit is gegaan door hogere uitgaven dan uit het normale inkomen kunnen worden gedaan. Appellante heeft veel uitgegeven aan kosten voor advocaten en notarissen. Verder is niet gebleken dat de kosten in verband staan met causale ziekten of gebreken. Appellante heeft dan ook niet aannemelijk gemaakt dat de vermogensvermindering heeft plaatsgevonden buiten de invloedsfeer van appellante, zodat geen ruimte bestaat om toepassing te geven aan het bepaalde in artikel 60, eerste lid, aanhef en onder b, van de Wubo
De uitspraak op rechtspraak.nl