CRvB 22 september 2017, ECLI:NL:CRVB:2017:3350
Tussenuitspraak. Duurzaamheid van de door het Uwv vastgestelde volledige arbeidsongeschiktheid in de zin van art. 4 WIA. Gelet op de informatie van de behandelend psycholoog heeft de verzekeringsarts onvoldoende onderzocht of na het eerstkomende jaar herstel te verwachten valt van de ingezette behandeling. De verzekeringsarts heeft niet concreet onderbouwd, gezien de diagnoses die zijn gesteld, waarop de verwachting van verbetering is gestoeld. Verder is evenmin afdoende concreet onderbouwd op welke punten in de FML de verzekeringsarts verbetering verwacht, en of dit tot een verdiencapaciteit van meer dan 20% zal kunnen leiden. Daarom is het bestreden besluit niet zorgvuldig voorbereid en onvoldoende gemotiveerd. De Raad draagt het Uwv op het gebrek te herstellen.
De uitspraak op rechtspraak.nl