CRvB 21 januari 2016, ECLI:NL:CRVB:2016:265
1) Ontslag wegens wangedrag. Aan het ontslag heeft een deugdelijke feitenvaststelling ten grondslag gelegen. Appellant heeft de geldende voorschriften met voeten getreden. De gedragingen van appellant kunnen het ontslag dragen. Het ontslag is niet onevenredig aan als wangedrag te kwalificeren gedragingen. 2) Terugvordering toelage wegens het niet nakomen van de verplichting om in de hoedanigheid van arts, geen werkzaamheden tegen enigerlei vergoeding of beloning te verrichten dan die, waartoe de Minister van Defensie opdracht heeft verleend. Niet valt in te zien dat de minister niet tot het oordeel heeft mogen komen dat in het geval van appellant van niet-nakoming als bedoeld in artikel 5, zevende lid, van de Inkomstenregeling militairen sprake is geweest.
De uitspraak op rechtspraak.nl