CRvB 12 maart 2015, ECLI:NL:CRVB:2015:747
Appellant is met toepassing van het PTSS Protocol herkeurd. Dit heeft geleid tot een verlaging van de mate van invaliditeit met dienstverband van 70% naar 40%. In het geval van appellant stond het overgangsrecht van de ministeriële regeling van 27 juni 2008 niet aan verlaging van het percentage in de weg. Wat betreft de verbindendheid van het PTSS Protocol en de bedenkingen van appellant tegen de inhoud van dit protocol en de uitkomsten waar het toe leidt, verwijst de Raad naar zijn uitspraak van 13 november 2014 (ECLI:NL:CRVB:2014:3830). Hetgeen appellant thans heeft aangevoerd, geeft geen aanleiding om daarover anders te oordelen. Ook de beroepsgrond dat, vanwege de ingrijpende verlaging van het invaliditeitspercentage die het PTSS Protocol mogelijk maakt, in de Regeling een overgangsrecht had moeten worden geformuleerd dat oude gevallen (beter) ontziet, slaagt niet. De beroepsgronden van appellant treffen evenmin doel voor zover zij zijn gericht tegen de concrete beoordeling van zijn invaliditeit door de verzekeringsarts.
De uitspraak op rechtspraak.nl