CRvB 15 oktober 2015, ECLI:NL:CRVB:2015:3579
Het intrekken of ten nadele van de subsidieontvanger wijzigen van een pgb ogv artikel 4:48, eerste lid, van de Awb, houdt een discretionaire bevoegdheid in. Belangenafweging door het Zorgkantoor. Dat appellant aanvankelijke geen zorg in natura wenste, maakt niet dat het Zorgkantoor ten tijde van het bestreden besluit in redelijkheid niet tot de intrekking van het pgb had kunnen overgaan. De verklaringen van de huisarts en de behandelend psychiater van appellant maken dit niet anders. De inspanningen Van [M.] dateren van ruimschoots na het besluit op bezwaar van 20 december 2012. Er is niet gebleken dat zorg in natura niet mogelijk was.
De uitspraak op rechtspraak.nl