CRvB 21 januari 2015, ECLI:NL:CRVB:2015:240

Tussenuitspraak. Weigering vordering van appellant ter zake van achterstallig vakantiegeld en niet genoten vakantiedagen over te nemen. Het Uwv heeft betoogd dat appellant de desbetreffende bedragen eerder bij werkgeefster had kunnen vorderen. Het Uwv heeft dit echter niet onderbouwd. Het bestreden besluit berust op onzorgvuldig onderzoek en een gebrekkige motivering. Het Uwv dient eerst vast te stellen wat appellant heeft opgebouwd aan vakantiegeld en aan aanspraak op vergoeding ter zake van niet genoten vakantiedagen. Daarbij dient het Uwv de toepasselijke CAO-bepalingen als uitgangspunt te nemen. Dit dient het Uwv vervolgens af te zetten tegen hetgeen appellant van zijn werkgeefster ontvangen heeft. De Raad draagt het Uwv op het gebrek in het bestreden besluit te herstellen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken