CRvB 3 juni 2015, ECLI:NL:CRVB:2015:1809
Weigering faillissementsuitkering. Het Uwv heeft zich terecht op het standpunt gesteld dat de vorderingen van loon, vakantietoeslag en niet genoten vakantiedagen, die appellant stelt op werkgeefster te hebben, niet voor overneming in aanmerking komen omdat deze vorderingen niet duidelijk aanwijsbaar zijn en in ieder geval aan gerede twijfel onderhevig. Een aanspraak op de gefixeerde schadevergoeding, die ontstaat bij de beëindiging van het dienstverband, heeft geen betrekking op de tijdvakken genoemd in artikel 64, eerste lid, van de WW waarover het Uwv een vordering van appellant op werkgeefster zou kunnen overnemen.
De uitspraak op rechtspraak.nl