CRvB 18 april 2014, ECLI:NL:CRVB:2014:1335

Appellant was gedurende de periode in geding verzekerd voor de AWBZ. Van omstandigheden op grond waarvan appellant ingevolge (Europese) regelgeving van deze verzekering uitgesloten moet worden geacht dan wel in aanmerking zou kunnen komen voor ontheffing van de verzekeringsplicht, is niet gebleken. Evenals de rechtbank heeft overwogen, is voor deze beoordeling niet relevant dat appellant bij een Duitse ziektekostenverzekering was aangesloten. Ook het feit dat de vader van appellant op grond van zijn werkzaamheden in Duitsland en zijn pensioenaanspraken uit dat land niet verzekerd is geacht voor de AWBZ, is voor de situatie van appellant niet van betekenis. Voorts is niet duidelijk wat appellant beoogt met zijn - overigens niet onderbouwde - beroep op artikel 10 van het Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekeringen 1999, KB 746, nu dit artikel geen betrekking heeft op zijn situatie.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken