CRvB 15 april 2014, ECLI:NL:CRVB:2014:1233
Appellante en [B.] voerden een gezamenlijke huishouding, op zichzelf beschouwd, brengt dat niet mee dat appellante geen recht had op een inkomensvoorziening naar de norm voor een alleenstaande. Het college heeft dan ook ten onrechte aan de beëindiging van de inkomensvoorziening ten grondslag gelegd dat als gevolg van het voeren van de gezamenlijke huishouding aan appellante ten onrechte een inkomensvoorziening is verleend. Vernietiging uitspraak. Vernietiging besluit. Herroept het besluit van 1 juni 2011.
De uitspraak op rechtspraak.nl