CRvB 7 mei 2013, ECLI:NL:CRVB:2013:BZ9829

Ter uitvoering van de tussenuitspraak (LJN BY1813) heeft het bestuur bij besluit van 4 januari 2013 een nadere motivering gegeven voor de betrokkenheid van appellante bij de hennepkwekerij met 196 hennepplanten in de keet in de nabijheid van haar woonwagen. De beroepsgrond betreffende het niet opnieuw horen van appellante treft geen doel. Het bestuur heeft terecht aangenomen dat appellante door haar betrokkenheid bij de hennepkwekerij inkomsten heeft verworven waarvan zij in strijd met de op haar rustende inlichtingenverplichting geen melding heeft gemaakt bij het bestuur en dat als gevolg van die schending het recht op bijstand niet kan worden vastgesteld.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen