CRvB 2 mei 2013, ECLI:NL:CRVB:2013:BZ9700

Weigering vergoeding van escortservice. Escortservice kan niet worden aangemerkt als een medische behandeling en voor gebruikmaking van escortservice geen medische noodzaak kan worden vastgesteld. Het enkele feit dat de behandelend arts-seksuoloog van appellant gebruikmaking van escortservice heeft geadviseerd, maakt dit niet anders. Verweerder heeft dan ook terecht geweigerd om de kosten van de escortservice met toepassing van artikel 20 van de Wuv voor vergoeding in aanmerking te brengen. De verleende tegemoetkomingen in de kosten van sociaal vervoer, extra vakantie en telefoonkosten tezamen bedragen meer dan het normbedrag van een DMV-voorziening. Volgens appellant vallen de kosten van escortservice niet onder het begrip DMV en had verweerder hem daarin een afzonderlijke tegemoetkoming moeten verlenen. Het beleid van verweerder voorziet niet in een dergelijke afzonderlijke tegemoetkoming. Hetgeen appellant naar voren heeft gebracht leidt niet tot het oordeel dat sprake is van bijzondere omstandigheden op grond waarvan verweerder van zijn beleid had moeten afwijken.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen