CRvB 11 januari 2013, ECLI:NL:CRVB:2013:BY8452

Raad: Uit art. 2:15 lid 3 Wet Wajong volgt dat appellant met ingang van de datum waarop hij zijn aanvraag heeft ingediend recht heeft op arbeidsondersteuning. Het recht op arbeidsondersteuning kan niet met terugwerkende kracht worden toegekend. De tekst van (het derde lid van) art. 2:15 is volstrekt helder en ook in de overige bepalingen van hoofdstuk 2 is geen mogelijkheid voor terugwerkende kracht opgenomen. Hoofdstuk 2 van de Wet Wajong voorziet - anders dan hoofdstuk 3 van de Wet Wajong - niet in de mogelijkheid om hier een uitzondering op te maken.Deze door de wetgever gemaakte keuze is in de MvT bij de Wijziging van de Wet Wajong in verband met het bevorderen van arbeidsparticipatie van jonggehandicapten door werk en arbeidsondersteuning (Kamerstukken II 2008/09, 31 780, nr. 3 blz. 27) toegelicht. Aangevallen uitspraak bevestigd.

De uitspraak op rechtspraak.nl