CRvB 8 januari 2013, ECLI:NL:CRVB:2013:BY7958
Terugvordering bijstand. Appellant had een aanspraak op middelen uit de nalatenschap van zijn moeder, waarover hij nog niet kon beschikken. Het rechtsgevolg, te weten de terugvordering, kan pas intreden indien de vordering die appellant op zijn vader had in verband met zijn erfdeel uit de nalatenschap van zijn overleden moeder, opeisbaar is geworden. Hiervan was eerst sprake toen de nalatenschap van de vader van appellant was afgewikkeld. Geen sprake van verjaring van de vordering.
De uitspraak op rechtspraak.nl