CRvB 3 januari 2013, ECLI:NL:CRVB:2013:BY7858

1) Beoordeling. De beoordeling is niet uitsluitend negatief en de negatieve scores in de beoordeling zijn verder met voldoende objectieve gegevens en concrete voorbeelden onderbouwd. In het licht van de van toepassingzijnde toetsingsnorm - waarbij het totaalbeeld vooropstaat - is de Raad alles bijeengenomen van oordeel dat de rechtbank niet ten onrechte tot de slotsom is gekomen dat de beoordeling in stand moet worden gelaten. 2) Bijzonder verlof met behoud van bezoldiging. Het voorschrift van artikel 6:4:5 van de CAR/LAR dat de ambtenaar buitengewoon verlof dient aan te vragen staat niet in de weg aan eenzijdige verlening van dergelijk verlof (LJN ZB8507). Geen harmonieuze samenwerking meer mogelijk. Gekozen voor de voor appellant minst diffamerende oplossing. Het besluit doorstaat de terughoudende toetsing. 3) Ontzegging toegang tot het gebouw. Gezien woordenwisseling met zijn leidinggevende was de nodige commotie ontstaan op de werkvloer, zodat het college zich redelijkerwijs op het standpunt heeft kunnen stellen dat appellant in afwachting van nadere besluitvorming over zijn rechtspositie niet werd toegelaten op zijn werkplek. 4) Ontslag op andere gronden. Verstoorde arbeidsrelatie. Met een bovenwettelijke uitkering, aan een outplacementtraject is appellant niet te kort gedaan.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen