CRvB 12 november 2013, ECLI:NL:CRVB:2013:2381

Intrekking en terugvordering bijstand. Niet aannemelijk gemaakt dat appellant tijdens zijn verhoren door zijn psychische klachten onjuiste verklaringen heeft afgelegd. De verklaringen van appellant in samenhang met de verrichte waarnemingen en de verklaringen van de getuigen bieden een toereikende grondslag voor de conclusie dat appellant op geld waardeerbare werkzaamheden heeft verricht in het bedrijf. Door geen melding te maken van de door appellant verrichte werkzaamheden hebben appellanten de inlichtingenverplichting geschonden. Aanvraag bijstand. Geen wijziging in de omstandigheden voorgedaan ten opzichte van de situatie ten tijde van de intrekking van de bijstand.

De uitspraak op rechtspraak.nl