CRvB 16 oktober 2013, ECLI:NL:CRVB:2013:2282

Tussenuitspraak. Weigering WIA-uitkering. Bij appellante is een cochleair implantaat (CI) op het rechter, vrijwel dove oor geplaatst. De beperkingen van appellante, afgezien van de beperkingen die voortvloeien uit haar gehoorproblemen, zijn in de voor haar geldende FML op een juiste wijze opgenomen. Bij het opstellen van de voor appellante geldende FML moet worden uitgegaan van een ingeschakeld CI. In dat geval is appellante aangewezen op een geluidsarme werkomgeving. Dit betekent dat de door het Uwv aangenomen beperking ontoereikend is. Ontoereikende motivering. De Raad draagt het Uwv op om het gebrek te herstellen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen