CRvB 16 oktober 2013, ECLI:NL:CRVB:2013:2091
Bij besluit heeft het Uwv vastgesteld dat appellant na afloop van de wachttijd recht heeft op een loongerelateerde uitkering ingevolge de Regeling werkhervatting gedeeltelijk arbeidsgeschikten naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 53%. Het hoger beroep is uitsluitend gericht tegen de ongegondverklaring door de rechtbank van het beroep tegen besluit 2. De nieuwe FML heeft geleid tot een vastgestelde mate van arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100%. Het hoger beroep is niet-ontvankelijk te achten wegens het ontbreken van procesbelang.