CRvB 14 december 2012, ECLI:NL:CRVB:2012:BY6199

Beëindiging toeslag. De Raad is van oordeel dat de duurzame band van persoonlijke aard tussen appellant en Nederland na één jaar verblijf in China verloren is gegaan. Met name wordt van belang geacht dat appellant voor zijn vertrek zijn huurwoning heeft opgezegd en dat hij in China een echtgenote en minderjarig kind heeft. Dat appellant zich om economische redenen genoodzaakt zag te vertrekken naar China, is voor de beoordeling waar iemand woont niet van belang. In de gegeven omstandigheden ziet de Raad niet in dat het vertrek van appellant naar China slechts tijdelijk van aard is. Appellant heeft weliswaar de intentie geuit om terug te keren naar Nederland, maar indien deze niet verwezenlijkt kan worden, betekent dit, gezien de specifieke omstandigheden van het geval, niet dat hij zijn woonplaats in Nederland heeft behouden. Appellant heeft niet gesteld, laat staan aannemelijk gemaakt, dat hij binnen afzienbare tijd na 1 november 2010 wel daadwerkelijk zou terugkeren naar Nederland.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen