CRvB 30 oktober 2012, ECLI:NL:CRVB:2012:BY4628
Het college was bevoegd met overeenkomstige toepassing van artikel 6:127, tweede lid, van het BW tot verrekening van de nog openstaande schuld van appellant aan het college met het bedrag van de nabetaling. Niet gebleken is dat appellant ten tijde van het verrekeningsbesluit niet de beschikking had over een inkomen, gelijk of hoger dan de beslagvrije voet. Wat appellant verder heeft aangevoerd, leidt niet tot het oordeel dat het college niet in redelijkheid van de verrekeningsbevoegdheid gebruik heeft kunnen maken.
De uitspraak op rechtspraak.nl