CRvB 16 oktober 2012, ECLI:NL:CRVB:2012:BY0318
Afwijzing aanvraag om bijzondere bijstand voor de kosten van installatie van een cv-ketel. Met het college en de rechtbank is de Raad van oordeel dat hier geen sprake is van uit bijzondere omstandigheden voortvloeiende kosten. De kosten waarvoor bijzondere bijstand is gevraagd, waren voorzienbaar en dienen in beginsel te worden bestreden uit het inkomen. Dat appellante als gevolg van haar lage inkomen en hoge woonlasten niet of onvoldoende heeft kunnen reserveren, kan haar niet baten. Dat de cv-ketel al na tien jaar stuk is gegaan, terwijl de gemiddelde levensduur van een cv-ketel vijftien jaar is, zoals appellante heeft aangevoerd, rechtvaardigt evenmin de conclusie dat de kosten voortvloeien uit bijzondere omstandigheden als bedoeld in artikel 35, eerste lid, van de WWB.