CRvB 20 juni 2012, ECLI:NL:CRVB:2012:BW9091

Afwijzing verzoek vergoeding inkomensschade. Het Uwv heeft in het eerste jaar na toekenning van de WAO-uitkering in 2002 driemaal de mate van arbeidsongeschiktheid beoordeeld en de uitkering verlaagd. Met deze herbeoordelingen is voldaan aan de verplichting van artikel 36, tweede lid, van de WAO. Het Uwv heeft na deze herbeoordelingen in 2004 nog een herbeoordeling uitgevoerd die hij, zoals blijkt uit aanduidingen in onder meer een aan betrokkene toegezonden vragenlijst, in het onderzoekskader van een verzekeringsgeneeskundige rapportage en in een daarop volgend besluit heeft benoemd als een eerstejaarsherbeoordeling. Dat deze herbeoordeling meer dan een jaar na toekenning van de WAO-uitkering aan betrokkene heeft plaatsgevonden kan evenwel niet tot het oordeel leiden dat het Uwv de mate van arbeidsongeschiktheid van betrokkene te laat, namelijk buiten de door de wetgever gestelde termijn, opnieuw heeft bezien. Van de in 2002 en 2004 genomen herzieningsbesluiten staat de rechtmatigheid vast. De door betrokkene gestelde inkomensschade is niet het gevolg van een onrechtmatig besluit of van het niet tijdig nemen van een besluit. Betrokkene heeft geen recht op vergoeding door appellant van deze schade.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen