CRvB 13 juni 2012, ECLI:NL:CRVB:2012:BW8165

Herziening ZW-uitkering en terugvordering. Met de rechtbank wordt geoordeeld dat het onderzoek van het Uwv zorgvuldig is verricht. Op grond van dat onderzoek is voldoende aannemelijk geworden dat de hennepkwekerij in de woning van appellant over de periode van 14 april 2008 tot 7 april 2009 in bedrijf is geweest en dat in deze periode sprake moet zijn geweest van vijf hennepoogsten met een totale waarde van € 270.395,-. De door appellant in dat kader afgelegde verklaringen zijn niet eenduidig noch geloofwaardig. Het moet ervoor worden gehouden dat appellant (ten minste) betrokken is geweest bij de hennepkwekerij in zijn woning en hij daarom ook inkomsten uit de hennepoogsten heeft ontvangen. Appellant heeft deze inkomsten niet bij het Uwv gemeld. Het Uwv was daarom gehouden om de ZW-uitkering van appellant te herzien en het onverschuldigd betaalde ziekengeld van appellant terug te vorderen. Van een dringende reden om daarvan af te zien is niet gebleken.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen