CRvB 23 mei 2012, ECLI:NL:CRVB:2012:BW6827

Het pgb van appellante over het jaar 2010 is terecht vastgesteld op basis van het in de zorgovereenkomsten met haar vader en haar moeder opgenomen AWBZ-loon. Bedragen die boven het in de zorgovereenkomst vastgelegde maandbedrag zijn gedeclareerd, zijn niet geaccepteerd. Terugvordering teveel betaald pgb. Ingevolge artikel 2.6.9, eerste lid, onder de c, van de Regeling subsidies AWBZ sluit de verzekerde voor de zorg die hij inkoopt een schriftelijke overeenkomst met de zorgverlener of zorg verlenende instantie, waarin opgenomen tenminste de in deze bepaling benoemde afspraken. In de op 12 maart 2010 met de vader en moeder van appellante gesloten zorgovereenkomsten zijn als de door de vader en moeder te verrichten werkzaamheden opgenomen: persoonlijke verzorging, verpleging, begeleiding, tijdelijk verblijf en vervoer. Het daarbij overeengekomen AWBZ-loon is door appellante gedeclareerd en door het Zorgkantoor als uitgave ten laste van het pgb goedgekeurd. Voorts heeft het Zorgkantoor het pgb van 2010 op basis van de overeengekomen AWBZ-lonen vastgesteld. Daarnaast heeft appellante bedragen gedeclareerd voor reiskosten naar de door haar vader en moeder georganiseerde dagbesteding en hotelkosten voor tijdelijk verblijf. Nog daargelaten de vraag of deze kosten onder het bereik van de indicatie en het pgb zouden kunnen vallen, zijn de activiteiten vervoer en tijdelijk verblijf opgenomen bij de overeengekomen werkzaamheden in voornoemde zorgovereenkomsten, zodat een eventuele vergoeding voor die activiteiten besloten ligt in de overeengekomen lonen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen